Tweelingvogels

Kleine strandloper / foto: Jappie Seinstra
Twee soorten die zoveel op elkaar lijken, dat we ze tegelijkertijd behandelen. Behalve hun uiterlijk hebben ze ook in hun gedrag veel gemeen en allebei komen ze niet jaarlijks voor in Gruttoland. We hebben het over de kleine strandloper en de Temmincks strandloper.



Kleine strandlopers / foto’s: Henk Dikkers (L+M); Jappie Seinstra (R)
Zo klein als een mus
Beide soorten zijn ongeveer zo groot (of zo klein) als een huismus, maar met langere pootjes. Zo klein als ze zijn, zijn het echte steltlopers. Beide strandlopers vallen onder de categorie ‘grijze muizen’. Wanneer ze tussen de vegetatie rondscharrelen is deze vergelijking zeker begrijpelijk. Rug en borst zijn bij allebei grijsbruin gespikkeld, de buik is witachtig. Het duidelijkste verschil zit eigenlijk in de pootjes. Bij de kleine strandloper zijn die donker tot zwart gekleurd, terwijl de poten van de Temmincks strandloper geel/groen van kleur zijn.



Kleine strandlopers / foto’s Hans Peeters
Onregelmatige gasten
Elk voor- en najaar trekken er wel kleine strandlopers en Temmincks strandlopers door Nederland. Op weg naar of afkomstig van hun broedgebieden in het hoge noorden. Beide broeden op de toendra’s van arctische gebieden, waar ze pas half juni aankomen, wanneer de sneeuw gesmolten is. Ze overwinteren in Afrika en in het Middellans Zeegebied. Een deel van de kleine strandlopers vliegt zelfs naar India om er de winter door te brengen. Hoewel de kleine strandloper vaker in Nederland gezien wordt dan de Temmincks strandloper, worden ze beiden niet elk jaar in Gruttoland waargenomen.
Zelf zag ik een groepje van drie kleine strandlopers in Gruttoland in oktober 2022. In mei 2025 verbleef een Temmincks strandloper enkele dagen in Gruttoland. Ware hoogtijdagen voor de vogelfotografen.



Kleine strandlopers / foto’s Lubbert Boersma (L+M); Marten F. de Vries (R)
Paspoort kleine strandloper (ks) en Temmincks strandloper (Ts)
Wetenschappelijke naam: Calidris minuta (ks) en Calidris temminckii (Ts)
Friese naam: (ks) lytse grill en (Ts) Temmincks griltsje
Herkenning: rug en borst grijsbruin gespikkeld; onderzijde witachtig; kleine strandloper donkere poten; Temmincks strandloper lichtgekleurde poten
Lengte: ongeveer formaat huismus, (ks) 12 – 14 cm; (Ts) 13 – 15 cm
Geluid: (ks) hoog, dun en vrij zachte roep die klinkt als stt; (Ts) tijdens baltsvlucht een trillend tirrr tirrr,


Kleine strandlopers / foto’s Marten F. de Vries (L); Servan Ott (R)
Voedsel: (ks) kevers, wormen, schelpdiertjes, garnalen en zaden; (Ts) larven, vliegjes, kevers en wormen.
Gedrag: (ks) foerageren haastig met schuifelende bewegingen, pikken snel en constant voedsel; (Ts) zijn wat trager in hun bewegingen
Leefgebied: tijdens trek (ks) vooral in Waddenzeegebied en de Delta; stoppen bij geschikte wetlands; (Ts) als kleine strandloper, maar ook meer in binnenland
Nest: beiden een ondiep kuiltje tussen de vegetatie
Aantal eieren: beide soorten maximaal 4; (ks) soms 2e nest, mannetje ontfermt zich dan over het eerste; (Ts) vrouwtje legt 1 tot 3 legsels, mannetjes zorgen voor de eerste legsels
Broedduur: allebei 20 – 21 dagen
Vliegvlug: nestvlieders
Trek: (ks) Overwintert vooral in Afrika ten zuiden van de Sahara, tot in Zuid-Afrika toe; minder in Middellandse Zeegebied; (Ts) overwintert in Noord-Afrika
Voorkomen: broedparen 0; (ks) 100 – 500 doortrekkers; 10 – 30 overwinteraars; (Ts) 100 – 500 doortrekkers; 0 overwinteraars
Gruttoland: geen jaarlijkse doortrekker

Kleine strandloper / foto’s Willem de Wolf (boven en onder)




Temmincks strandlopers / foto’s Hans Peeters

